Houten windmolen

De Craeke

De Krake, De Kraeke, De Craeke, De Craeck

Voormuide 2 op de hoek met de Muidelaan te Gent.
Het was een staakmolen, gebruikt als korenmolen.

Hij zou gebouwd zijn voor 1402.

De molen is verdwenen in 1828.
De molenberg in 1829.

De Kosterigge

De Kosterigge, Kostrege-molen, Willem Kostersmolen

Port Arthurlaan 14
Kadasternummer: A3208

Staakmolen
Oliemolen tot 1825, daarna korenmolen

De Kosterigge is dialect voor de vrouw of echtgenote van een koster (Willem Koster?)

Vrije Stadsmolen

Vrijmolen, Vrije Stadsmolen
Gentbrugge
Kadasternummer B258

Op ongeveer dezelfde plaats stond er in de 16de eeuw reeds een molen, zie kaart Van Denver 1545-1575.

De Vrije stadsmolen is een staakmolen die stond op op een molenberg aan de hoek van de Oude Brusselse steenweg en de Frederik Burvenichstraat en is gebouwd na 1770 en voor 1790.
Hij is gesloopt in 1878.

Bontinkmolen

In het grensgebied van Kalken, Lokeren en Overmere stond tot in 1935 een houten korenwindmolen.
In 1665 was er een behuysde hofstede thenden de bontinckstr binnen de prochie van Calckene, gaende mette meulen gestaen thenden de zel(ve) straete op Lokeren. De molen stond op een molenberg en er was ook een rosmolen. De molen werd toen door de familie V(and)ermeere verkocht aan Pieter De Loire afkomstig uit Belsele.

Molen Capiteyn

In het jaarboek 42-2005 van de Heemkundige Kring De Oost-Oudburg schreef Patrick Gilles in 100 bladzijden het eeuwenoude verhaal van de site van de peper- en specerijenmaalderij waarvan de huidige eigenaar André Capiteyn is. In het tijdschrift Vlaamse molens werd door Alain Goublomme dit verhaal teruggebracht naar zeven pagina’s en hier distilleren we een wel zeer korte versie van die molengeschiedenis die in de 16de eeuw zijn eerste sporen vindt, namelijk in het schilderij Panoramisch zicht op Gent in 1534.

Westledemolen

De Westledemolen was een houten korenwindmolen aan de oostzijde van de Hoekstraat nr. 151 A, ten oosten van de Westlede in het gelijknamig gehucht op 5,3 kilometer ten zuidwesten van de kerk van Eksaarde, op de grens met Zeveneken, maar op grondgebied van Eksaarde.
Naast de molen stond een rosmolen, type houten buitenrosmolen met strodak, om ook in windstille periodes te kunnen malen.

Molen Wille

Molen Wille of Molen Van Laere was een houten korenwindmolen aan de westzijde van de Schoolstraat (vroeger Molenstraat), zijde Kapelleken, op een halve kilometer ten westen van de kerk van Lochristi.

De molen was opgericht op het kadasterperceel A1299.

Hij staat aangeduid op de Ferrariskaart (ca. 1775) met het bruin symbool van een staakmolen.

Ernaast was er op kadasterperceel A1300 een Rosmolen opgericht.

Oudenbosmolen

Net over de grens van Beervelde in de Nieuwe Molenstraat te Lokeren was de de houten korenwindmolen Oudenbosmolen op het perceel C 130 opgericht.

Vóór 1410 zou de molen al aan de nabije abdij van Nonnenbossche (of Oudenbossche) behoren, zie De Potter & Broeckaert.

In het artikel 3000 van de legger van de Poppkaart van Lokeren wordt August Walrave aangeduid als eigenaar.

Molen Vossaert

Die molen heeft op diverse plaatsen gestaan, het was de eigenaar, Martinus de Loweny, die op 14 mei 1725 de toestemming kreeg om de molen  te verplaatsen naar Oostakker-Meulestedekouter, op het perceel D 441 of D 439 waar hij ingericht was als oliemolen. De molen stond er aan de noordzijde van de vroegere Hoogstraat, aan de oostzijde van de spoorweg Gent-Dampoort naar Eeklo. Op de kaart hierboven is het de molen aan de rechterkant van de detailfoto.

De Paardenkerkhofmolen

De Paardenkerkhofmolen was een houten korenwindmolen die op de Meulestedekouter te Oostakker, op de hoek van de huidige Meeuwstraat (noordzijde) en Windmolenstraat (westzijde) op een molenberg op het perceel D 421.
In 1900 werd het perceel, waarop de toen al verdwenen molen stond, overgeheveld van Oostakker naar Gent.